We hebben nu ongeveer evenveel vliegenvangernesten met eieren als met jongen. Elke dag komen er nieuwe nesten uit, en die doen dat vaak mooi volgens schema. Dat is 13 dagen na het leggen van het laatsgelegde ei. In een aantal gevallen komen nesten 1-3 dagen later uit, wat betekent dat de vrouw een pauze heeft genomen voordat ze op de eieren ging broeden. Even bijkomen, of misschien zelfs bewust vertragen om niet te vroeg te zijn? Tot nu toe hebben we nauwelijks nesten die eerder uitkomen. In warme en dus vroege voorjaren is dat veel gebruikelijker. Vrouwen beginnen dan te broeden voor het laatste ei is gelegd, wat betekent dat bijna alle eieren iets eerder kunnen uitkomen, behalve het laatst gelegde ei. Je krijgt dan een duidelijke hierarchie in het broedsel, en vaak kan je dat nog zien wanneer de jongen 12 dagen oud zijn. Zo’n Benjamen is niet minder zwaar dan zijn/haar nestgenoten, maar heeft wel een kortere vleugel. Die groeien bij alle jongen zo snel dat het niet gemakkelijk is in te halen. Maar dit jaar hebben we dat dus niet.
Dan heb ik vandaag eindelijk even een plaatje gemaakt over hoe dat aandeel ongepaarde mannen in de loop van de afgelopen twintig jaar zich heeft ontwikkeld. Ik heb al veel vaker geschreven dat het hoge aandeel van mannen zonder vrouw dit jaar echt uitzonderlijk maakt, maar zoiets moet je altijd in perspectief zien. Daar moeten wel gelijk een aantal disclaimers bij gemaakt worden. De belangrijkste is dat de informatie die we verzamelen redelijk compleet is, maar dat we veel ook niet weten. We hebben steeds proberen te coderen of mannen die verdwenen bijvoorbeeld gedood werden door een koolmees, of mogelijk gepaard raakten, maar in een natuurlijke holte zijn gaan broeden. Er zijn ook mannen die zomaar verdwijnen, nadat ze een tijdje hebben zitten zingen, en die kunnen in theorie ook in een natuurlijke holte zijn gaan broeden, zonder dat wij dat door hadden, maar ze kunnen ook door een sperwer zijn gepakt, of verplaatst naar een plek buiten onze onderzoeksterreinen. In het onderstaande plaatje staan nu alleen de mannen waarvan we zeker weten dat ze ongepaard zijn gebleven, of dat we zeker weten dat ze in een nestkast zijn gaan broeden. Dus die onzekere gevallen zijn er nu uitgelaten.

Wat opvalt is dat 2026 inderdaad uitzonder is. Nooit eerder hadden we meer dan 30% ongepaarde mannen. Wat ook opvalt is dat er eigenlijk in alle jaren wel minstens 5% mannen is die geen vrouw krijgt. Maar het aandeel man zonder vrouw zit duidelijk in de lift. Opmerkelijk is ook het koude voorjaar van 2021, toen opeens bijna alle mannen toch een vrouw kregen. Dat wijst er op dat het bijvoorbeeld niet ligt aan het plaatsen van de marterkorfjes, die de vrouwen meer afschrikt dan mannen. Toch is het op het moment gissen naar de oorzaak van die toename in het aandeel ongepaarde mannen.