30 mei 2026: De weeklacht van de zwarte specht

De hitte van gisteren eindigde in een onweersbui. Race tegen de klok om alles daarvoor af te krijgen. Helaas is een aantal keutelmonsters niet gelukt. Op zich niet zo erg, want we zijn de piek voorbij. Maar de camerabeelden laten zien dat rupsen nog steeds de voornaamste prooien zijn die de jongen krijgen. En ook larven van bladwespen die erg op rupsen lijken.

De regen heeft verkoeling gebracht, en het bos in de vroege ochtend is weer wonderschoon. Het zachte licht dat door het gewassen bos strijkt. In de verte de intens diepe roffel van een zwarte specht. Die voel je bijna in je buik. Er volgt een klagende roep. En geloof het of niet, terwijl ik dit hoor vind ik plukresten van een jonge zwarte specht. Veel zwart, een spikkeltje rood. Opeens hoor ik in de roep een weeklacht, in de roffel de woede van het verlies.

Gezien de afgebeten pennen een slachtoffer van boommarters. De veren zitten deels nog in bloedspoelen, wat betekent dat dit jong uit een nestholte is geplukt, of misschien net was uitgevlogen. Een gevaarlijke tijd, waar we nauwelijks iets van weten. De weinige onderzoekers die zich hier echt aan hebben gewaagd met kleine radiozenders op jonge koolmezen en boerenzwaluwen, laten zien dat de weken na uitvliegen een ware slachting zijn. Of je kan ook zeggen dat selectie dan pas echt toeslaat. Ik denk regelmatig dat veel van het onderzoek te veel een focus heeft op de nestjongenfase en het voedsel (inclusief dat van ons), terwijl selectie mogelijk veel meer op andere momenten plaatsvindt. Gelukkig nemen we dat ook mee, doordat we alle jongen ringen en kijken wie er uiteindelijk terugkomen (en dus hebben overleefd). Maar ik zou wel graag meer weten over die fase na het uitvliegen.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *