Het bos wordt langzaamaan steeds groener. Nog geenszins het doffe zomergroen, maar een tiental tinten frisgroen. Heel helder groen van beuken en berken, wat oranje-groen van de krenten, het meer geelgroen van de uitlopende eiken. De meeste eiken staan nog niet volop in blad, en op dit moment kan je goed zien hoeveel variatie in de bladontplooiing zit tussen verschillende bomen van dezelfde soort.
Het veldwerk is nu even relatief simpel. Er komen maar mondjesmaat mannen bij, en mannen zitten of te zingen, en dan zijn ze ongepaard. Of ze zijn stilgevallen, en dan is de kans zeer groot dat ze een vrouw hebben gekregen. Een stil bos is dus een veel productiever bos dan een zingend bos.
Sommige mannen zijn echte twijfelgevallen. Al een paar dagen zit de man van 706 afwisselend wel en niet te zingen. Volgens mij nooit echt voluit meer zoals hij eerder deed, maar voor een gepaarde man wel veel. In de nestkast gebeurt niets en ik zie hem ook niet met een vrouw. Geen alarmjodeltjes. Vandaag ook weer, nu even stilletjes naar boven kijkend. Hij had de sperwer sneller ontdekt dan ik. Als hij een vrouw heeft dan is ze vast aan het bouwen in een natuurlijke holte. Of heeft hij de hoop al bijna opgegeven dat er nog vrouwen komen, en zingt hij daarom bijna niet meer? Dat lijkt mij voorbarig, want het is nog maar 29 april.
Hoewel….. We blijven natuurlijk hopen dat er steeds vrouwen bijkomen, maar die stroom kan zomaar opeens opdrogen. Aan de andere kant: we hebben ook wel eens een tweede piekje gehad van vrouwen, en dat viel toen pas rond 10 mei. We zitten nu toch al op zo’n 84% van het aantal vrouwen dat vorig jaar broedde, dus helemaal niet slecht. De vrouwen die er zijn beginnen goed te leggen.
Vandaag viel mijn oog nog op een vink die naar een tak vloog, en daar op haar nest ging zitten. Op een meter of 6 in een den, te hoog om het nest verder te kunnen volgen voor een niet-klimmer zoals ik. Vanaf de grond te zien is het een mooi nestje van mos, op een horizontale tak tegen de stam aan. Altijd weer verbazingwekkend hoe klein zo’n vinkennest is.