Als je mensen naar de mooiste vogels van het bos vraagt, zullen ze al snel aankomen met een wielewaal, groene specht of goudvink. Mooie felgekleurde beesten, waar in de praktijk helaas vaak niet veel aan te beleven valt. Een wielewaal hoor je meer dan je ziet, en is vooral een geel-zwarte schim die door de boomkruinen beweegt. De gulle lach van een groene specht stemt vrolijk, maar vaak zie je ze mooie golvend wegvliegen. En goudvinken zijn dan wel felgekleurd, maar ook wat duffige beesten. Dat hese fluitende gezang is even sloom als de vogel zelf.
De ware parel van het bos is voor mij de fluiter. OK, vuurgoudhanen zijn nog mooier als je ze goed te zien krijgt, maar fluiters brengen het bos tot leven. Hun struiterende zang, gevolgd door het lang-gerekte tuuu-tuuu-tuuu, samen met die vreemde vertraagde baltsvlucht maakt ze heerlijk zichtbaar. En als ze zingen beweegt dat hele lijfje ritmisch mee. Voor de echte fijnproevers zijn fluiters ook nog eens van wonderbaarlijke schoonheid. De mooi heldere kleur mosgroen van de rug, het helder gele keeltje, de subtiele tekening van de kop met die fel-gele wenkbrauwstreep. Het zijn ranke zangers, die ook wat stoïcijns overkomen.
Wat ik altijd het meest vreemde aan fluiters heb gevonden, is hoe gemakkelijk je hun nesten kunt vinden. Niet dat die slecht verstopt zitten onder pollen gras op de bosbodem. Als je ze zonder aanwijzing zou moeten gaan zoeken, dan zou je ze niet vinden. Maar die fluiters wijzen je wel heel gemakkelijk de weg naar hun nest. Je moet het trucje even kennen, maar dan is het vaak maar enkele minuten wachten en je hebt het nest gevonden.

Nu zijn fluiters niet bijster algemeen, en dit jaar heb ik tot nu toe drie nesten gevonden in één van mijn nestkastgebieden. Vermoedelijk zitten er iets meer, en net als bij vliegenvangers zijn er vaak veel ongepaarde mannen. Maar als zo’n man een vrouw heeft, dan merk je dat snel als je in de buurt komt, want dan wordt er op een subtiel fluiter-achtige manier gealarmeerd: Tjuuu. Ga rustig staan kijken, en voor je het weet vliegt de vrouw recht naar haar nest. Geen omwegen zoals fitissen altijd doen, of eindeloos gedraal. Gisteren had ik even tijd om aan fluiters te besteden, en het was heel snel raak. Een nest met zeven mooie roodgespikkelde witte eitjes. Vandaag even gekeken, en er lag een eischil buiten het nest, en de vrouw zat mij vanuit het nest wat onrustig aan te kijken. Je moet wel heel dichtbij komen voordat ze er vandoor gaat.

Op vrijdag ontdekte ik ook dat een fluiterman die al lang zong, opeens een vrouw had. Grappig hoe die vrouw allerlei plekjes inspecteerde of die als nest zouden kunnen dienen. Biddend boven steilrandjes, zodat ze goed kon kijken of er iets van haar gading bij was. De man in de achtervolging, en je kreeg het idee dat hij nog niet helemaal besefte dat hij nu toch in de prijzen was gevallen. Vandaag kwam ik er langs, en was de vrouw druk ik de weer met nestbouw. Op de grond in gevecht met stukken mos. Daarmee gaat ze vervolgens een struik in, kijkt wat rond, en dan in snelle duikvlucht naar de grond waar dat nest onder een pol pijpestrootje verstopt zit. Ze negeert mij alsof ik lucht ben.
Dan denk ik: hoe bestaat het dat er uberhaupt nog fluiters bestaan als ze zo onvoorzichtig hun nestlocatie prijs geven. Maar de afgelopen vijf jaar heb ik aardig wat fluiternesten gevonden, en het verlies viel me enorm mee. Dus waar je dat gedrag als onvoorzichtig kan bestempelen, kan je ook zeggen dat zo’n fluiter de juiste focus heeft. Door mij als ongevaarlijk te categoriseren, houdt ze meer tijd over om naar echt gevaar op zoek te zijn, en ook nog aan dat nest te werken.
Nu gaan fluiternesten natuurlijk regelmatig over de kop, vooral omdat ze door predatoren gevonden worden. Maar dat geldt voor bijna al die soorten die op de grond, of zelfs in de struiken broeden. Gevaarlijke business. Ik vermoed dat dit bouwende fluitervrouwtje er al een eerdere poging op heeft zitten. Mogelijk was dat vele kilometers van hier, want die fluiters zijn enorme zwervers.
Een paar honderd meter verderop heeft een fluiter al een nest dat op uitvliegen staat. Ik heb de jongen geringd (slechts 9 gram!, mooie lange poten), en ze hebben braaf voor me gepoept. Mooie soort om er een beetje bij te beunen.
