12 april 2026: Een explosie aan vliegenvangers

Wanneer ik ‘s ochtends vroeg het huis uitsluip, realiseer ik me goed hoe lang ik dit werk al doe. Toen de kinderen klein waren, was het bijna onmogelijk om helemaal ongemerkt weg te komen. Al was het nog zo vroeg, bij een kleine kraak van de voordeur klonk het stemmetje van Thijs: “Pappa….”. Thijs is nu 22, dit is mijn 20e veldseizoen. Je kan je afvragen waarom ik dit werk zo lang al heb volgehouden, en het nog steeds doe alsof mijn leven er vanaf hangt. Naast dat ik het nog steeds echt leuk vind, zit de waarde van dit soort werk echt in de lengte. Veranderingen gaan vaak maar traag, en als je die veranderingen wilt zien, en helemaal als je ze ook wilt begrijpen, dan is die lange adem essentieel. Ik maak mezelf graag wijs dat er waarschijnlijk niemand ter wereld is die een dergelijk goede registratie heeft van de aankomstdatum in het voorjaar van zoveel individuele vogels over een zo’n lange tijdspanne. Hoewel: bij de grutto’s in ZW-Friesland is die tijdserie nog iets langer. Begonnen in 2003, en ik was er toen bij betrokken.

Waar ik gisteren al vond dat er veel nieuwe vliegenvangers waren aangekomen, was dat vandaag nog veel sterker het geval. Opeens hoor je overal in het bos het “Bit-bit-bit”, en wordt er ook aardig wat gezongen. Toch lijkt dat zingen nog wat magertjes op gang te komen. Met zo’n massale aankomst krijg je ook allerlei gedoe tussen mannen, die dan beide dezelfde nestkast willen hebben. Die gevechten zijn vaak heel subtiel, waarbij de mannen soms minuten stil vlakbij elkaar kunnen zitten. Dat ze elkaar fysiek te lijf gaan zie je niet vaak. Geen idee wat nu bepaald wie wint en wie er verliest.

Om een beeld te geven hoe dit jaar zich nu verhoudt tot die 19 voorgaande jaren, heb ik een grafiek gemaakt waarin voor elk jaar per dag het cumulatieve aandeel van alle mannen van dat jaar aankomt. Hoe meer die lijn naar links licht, hoe vroeger de mannen aankomen. Het vroegste jaar was 2024, toen op 12 april 70% van de mannen al was aangekomen. Een van de laatste jaren was 2008, toen pas op 25 april de 70% werd gehaald. Met het grote aantal mannen dat vandaag aankwam (rode lijn), lijkt 2026 te behoren bij de vijf vroegste jaren.

Cumulatieve frequentie van aankomstdatum van mannelijke bonte vliegenvangers van 2007-2026. Ieder lijntje is een jaar, en 2026 is de rode lijn

Vanochtend ook de eerste dode bonte vliegenvanger gevonden. Normaal vinden we die in een nestkast, en die zijn dan door koolmezen gemollesteerd. Deze was vermoedelijk ook door koolmezen te grazen genomen, had de kans gezien om uit de nestkast te ontsnappen, maar is daar aan zijn verwondingen overleden. De vraag is natuurlijk hoe vaak zoiets gebeurd, en of we de werkelijke mortaliteit die mezen veroorzaken niet erg onderschatten. De kans dat je zo’n dode vogel immers vindt ergens in dat grote bos. Het is mij slechts eenmaal eerder overkomen. Deze man was in 2024 geboren, op zo’n 400 meter afstand van de plek waar ik hem vandaag vond. In 2025 hebben we hem niet gezien. Dat blijft een raadsel: zoveel van de door ons geringde vliegenvangers die het eerste (of twee en zelfs derde) jaar “overslaan” voordat we ze terug zien. We weten zeker dat ze niet in Afrika blijven hangen, maar waar ze dan wel zitten?

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *